
|
Een kwijte winkelkar en ander groot leed
Hij: ‘Een kwijte winkelkar? Groot leed?’
Zij: ‘Oh, leuk, de nieuwe Roozal.’
‘Groot leed, wat nou groot leed?’
‘Een platte eend, een opgepeuzeld meesje, blote kontjes, een hamster-
wang, pikante lingerie, een dode kanarie.’
‘Zit ze nou alweer te zeuren over dat dooie beest?’
‘Misschien is het een andere kanarie? Het zou zomaar kunnen.’
‘Groot leed… groot leed… oorlogen, aanslagen, moordpartijen, dat is
pas groot leed.’
‘Voor Kaat is dit al heel erg.'
‘Ik hoor het al, je wilt het kopen.’
‘Ja, en ik neem er ook weer een voor tante Janny.’
Honderd pagina’s columns en korte verhaaltjes met een glimlach, een enkele schaterlach.
Een boekje dat zich er niet voor schaamt om op het toilet genoten te worden. Eén verhaaltje per plas, vier bij een grote boodschap. Of meer, dat mag.
Ook geschikt om te lezen voor het slapengaan, vanwege de rustgevende werking.
Gegarandeerd. Niet goed, geld terug.
Een deel van de columns is eerder gepubliceerd in de dagbladen NRC en De Pers, in het maandblad Opzij, in het weekblad het Haagse Beemdennieuws en in het boek Het beste van Nightwriters.
|